Schilderij Bosboom & de dolfijnen tegeltjes van het zwembad.

Schilderij Bosboom & de dolfijnen tegeltjes van het zwembad.

Uitgangspunt voor raadslid Wittenberg is, dat er wordt bekeken hoe het geld voor cultuur maximaal kan gebruikt worden voor cultuur. “Het zou jammer zijn moest het geld dat over is van het programmatiebudget van het gemeenschapscentrum zou worden gebruikt om straks dolfijnen te laten zetten op de tegeltjes in het nieuwe zwembad in Hoogstraten.

Het stadsbestuur gaat een schilderij van Joannes Bosboom aankopen. Op het doek staat het interieur van de Sint-Katharinakerk en het wordt beschouwd als een van de beste werken van Bosboom.  In 1843 maakte hij een schilderij van de binnenkant van de Sint-Katharinakerk, met het graf van graaf Antoon de Lalaing en Elisabeth van Culemborg op de voorgrond.In november vorig jaar werd het doek bij Christie’s in Amsterdam geveild voor 24.000 euro. De koper was notaris Aloïs Van den Bossche. Hij is lid van de Museumraad en oud-conservator van het Stedelijk Museum Hoogstraten. Hoogstraten betaalt hem nu 32.000 euro om het werk aan te kopen.

Het schilderij krijgt een plaats in de permanente tentoonstelling van het Stedelijk Museum. De aankoop is volgens de Museumraad een unieke kans.Over de financiering van het schilderij had raadslid & lid van de museumraad Arnold Wittenberg (Hoogstraten LEEFT) enkele vragen. Het stadsbestuur voorziet elk jaar € 5000 voor de aankoop van objecten voor het museum. Dit bedrag werd voor de aankoop van dit schilderij aangevuld met een erfenis die het stadsbestuur in het verleden ontving. “Het is jammer dat heel de erfenis nu in één keer wordt opgesoupeerd en er niets meer voor de toekomst over blijft.” vertelt Arnold Wittenberg. Het voorstel van de museumraad was om het programmatiebudget van het gemeenschapscentrum deels voor de aankoop hiervoor te gebruiken. “Er is een programmatiebudget voor een jaar voorzien in de begroting maar er is slechts een programmatie voor de helft van het jaar. Dat wil zeggen dat er geld over is. Door deze overschot van het programmatiebudget te gebruiken houden we het voorziene geld voor cultuur. Het geld van de erfenis kunnen we later dan nog gebruiken om zaken aan te kopen.” besluit Arnold Wittenberg.

Uitgangspunt voor raadslid Wittenberg is, dat er wordt bekeken hoe het geld voor cultuur maximaal kan gebruikt worden voor cultuur. “Het zou jammer zijn moest het geld dat over is van het programmatiebudget van het gemeenschapscentrum zou worden gebruikt om straks dolfijnen te laten zetten op de tegeltjes in het nieuwe zwembad in Hoogstraten.” besluit Arnold Wittenberg.